In Natuurgekwetter vertelt Cees Verkerke over belevenissen in zijn tuin en de natuur daaromheen. Kleine verhalen van maximaal 150 woorden.
Mijn tuin grenst aan het water en dat is mooi.
Veel watervogels verschijnen in de tuin waaronder de meerkoeten en waterhoentjes massaal en in goede harmonie. Tenminste in de winter. Gezamenlijk begrazen ze het grasveld. Op zoek naar jong gras. In het broedseizoen zijn de meerkoeten niet zo verdraagzaam naar de waterhoen. Met een helskabaal vallen ze de waterhoenen aan als die te dichtbij hun nest komen.
Ik herinner me dat ik een meerkoetnest vond en aanstaande vader meerkoet mij vanuit het water langs het riet omhoog klom en mij aanviel. Ik werd snel voorzichtiger bij het zoeken naar een meerkoetnest. De waterhoen was schuw en verstopte zich bij komende dreiging. Soms onderwater met zijn snavel als periscoop boven water. Als kind zocht ik vogelnesten en waren de waterhoennesten zeldzamer en moeilijker te vinden dan die van de meerkoet. En mooier. Met hun kleine roodbruine streepjes, stippen en vegen.
Ware kunstwerkjes.